Verbeelding van het kamp

Verbeelding van Sobibor 1943

Ingang Sonderkommandobarak

Een barak in het Sonderkommando

Zicht op een massagraf, de gaskamers en een Sonderkommando-barak

OPDRACHT ARCHEOLOGIE – KAMP 3, HET SONDERKOMMANDO

Kijk het introductiefilmpje met archeoloog Ivar Schute.

Na een geslaagde opstand op 14 oktober 1943, werd Sobibor met de grond gelijk gemaakt en een bos aangeplant.
Ivar Schute heeft met een aantal collega’s een groot deel van kamp Sobibor opgegraven en op die manier de geschiedenis van het kamp weer zichtbaar gemaakt.
Het is nu aan jullie om met deze vondsten het verhaal van de mensen die er hun dood gevonden hebben, verder in beeld te brengen.

Vindplaats tunnel

Het Sonderkommando waar een ontsnappingstunnel is gevonden

OPDRACHT

Over Kamp 3 was niets bekend. Pas nu, na het archeologische onderzoek, weten we meer over deze plek, over wat de slachtoffers meemaakten en over de dwangarbeiders (Sonderkommando) die er werkten en woonden.

Jullie gaan Kamp 3 onderzoeken.
Gebruik daarbij de onderzoeksvragen en aangeven bronnen.
Wanneer er nieuwe vragen bij je opkomen, noteer deze dan.
Noteer ook andere bronnen die je ontdekt.
Maak een kort verslag dat jullie kunnen presenteren aan de andere leerlingen.

VRAGEN

– Kijk en lees de bronnen en probeer het leven in Kamp 3 te reconstrueren.

Wie werkten er en wat was hun taak?

– Waarom wilden de nazi’s de vernietiging zo geheimzinnig mogelijk uitvoeren?

Beantwoord dit vanuit het perspectief van de slachtoffers en de mensen na de Tweede Wereldoorlog.

– Wat is de waarde van het onderzoek van de archeoloog om het verhaal van Kamp 3 te vertellen?

BRONNEN

Kijk het filmpje waarin Ivar Schute, archeoloog, vertelt over Kamp 3.

Tekstbron
Archeoloog Ivar Schute over het opgraven van de gaskamers:
“Van deze plek is alleen archeologisch bewijs. Er is geen kaart, geen fotomateriaal, niets. Kamp 3 was een soort kamp in het kamp waar de gaskamers zich bevonden, de lijken werden verbrand en de resten in asputten werden gegooid. Joodse dwangarbeiders deden het werk en woonden ook in Kamp 3. Ze werden het Sonderkommando genoemd (speciaal commando). Niemand van hen heeft het overleefd. Wel zijn er getuigenissen en tekeningen van een aantal bewaarders, zoals Franz Hödl, die de gaskamers in detail tekende omdat hij er werkte. Wat mij opvalt aan de verschillende kaartjes en reconstructies is dat ze allemaal enigszins op elkaar lijken en ongeveer de daadwerkelijke situatie weergeven, maar geen enkele klopt in detail. Dus alle ruimtelijke info komt uit het archeologisch onderzoek. De indeling van de gaskamers, de barak van het Sonderkommando, de graven, het hek eromheen, de plekken waar de lichamen verbrand werden. We weten precies waar en hoe groot en hoeveel”.

Fundamenten van de gaskamers

Fundamenten van de gaskamers

Aan de buitenzijde van de verschillende kamers moeten deuren hebben gezeten die na de vergassing door het Joodse Sonderkommando werden geopend (deze dwangarbeiders moesten de lijken ‘verwerken’). De lichamen gingen vervolgens per smalspoor naar verbrandingsstapels.
Naast het nauwgezet optekenen van de bakstenen muurtjes heb ik me vooral bezig gehouden met het in kaart brengen van de vondsten in dit gebied. In vakken van 5×5 meter is de grond verzameld en laagsgewijs gezeefd. Dit leverde een gruwelijke ontdekking op. Ten westen van de gaskamers werd een concentratie vondsten aangetroffen die maar op één ding kan duiden: dit was de plek waar het Sonderkommando de gouden vullingen uit de gebitten van de slachtoffers moest halen, waar de lijken werden ‘verwerkt’ – iets dat alleen nog archeologisch is aan te tonen. Naast vullingen werden tanden, kunstgebitten, haarklemmetjes, trouwringen, brilletjes en oorbellen aangetroffen. Alleen maar voorwerpen die naakte mensen nog bij zich kunnen hebben.

Bron: Ivar Schute

Opgegraven kruisje
Opgegraven oorbelletje
Opgegraven ring

VRAGEN (vervolg)

Archeologen vonden bij opgravingen een lange tunnel vanaf de barak van de dwangarbeiders tot buiten de omheining van Kamp 3.

De dwangarbeiders moeten nog hoop hebben gehad om in het geheim een ontsnapping via de tunnel voor te bereiden.

Wat vind je van de poging van de dwangarbeiders om een ontsnapping voor te bereiden?

BRONNEN

In dit filmpje vertelt Ivar Schute over de vondst van de tunnel.

Kurt Thomas
de rode draden geven aan waar de tunnel liep

De rode draden geven aan waar de tunnel liep

Bekijk van 44:34 – 48:31 het interview met een overlevende van de opstand in Sobibor, gemaakt door Jules Schelvis en Dunya Breur in 1985.

Sobiborinterview met Kurt Thomas

In dit interview vertelt Kurt Thomas, een Tjechische overlevende van de opstand in Sobibor, wat hij weet over de ontsnappingspoging door de tunnel.
Volgens Thomas, die in het kamp werkzaam was als ziekenverzorger voor de SS, moest de Nederlandse schilder Max van Dam portretten van de SS’ers maken. Toen hij in april 1943 bezig was met een portret van SS-officier Frenzel hadden de Duitsers juist een vluchtpoging in Kamp 3 – waar de gaskamers waren – weten te verijdelen. Alle 150 gevangenen die in dit deel van het kamp werkzaam waren, werden doodgeschoten. Omdat het brein achter de ontsnappingspoging een Nederlander zou zijn, liet Frenzel als represaille bovendien de ruim zeventig Nederlandse mannen vermoorden die elders in het kamp als dwangarbeiders tewerkgesteld waren. Maar toen Frenzel zag dat Van Dam daarbij zat , schreeuwde hij: “Mahler, komm’ ‘raus”. Alle andere Nederlanders werden in looppas naar Kamp 3 gedreven. Max van Dam moest eerst Frenzels portret nog voltooien. Het was uitstel van executie; ook Van Dam werd uiteindelijk in Sobibor om het leven gebracht, vermoedelijk rond 20 september 1943.

Bron: Sobiborinterviews.nl
en
Bron: Jules Schelvis

Zelfportret van Max van Dam

Zelfportret van Max van Dam op 25-jarige leeftijd. Collectie Joods Historisch Museum, Amsterdam. Geschonken ter nagedachtenis aan mevr. R.H. Trompetter-van Dam.

Vaak wordt gezegd: In Sobibor zijn geen honderdduizenden mensen vermoord, er is honderdduizenden keren één mens vermoord.

We weten niet wie de Joodse dwangarbeiders in Kamp 3 waren.

In Les 2 gaan we met het onderzoek over Sobibor verder met het levensverhaal van Max van Dam >>